WAT IS KRUIDKUNDE?

 


Farmacie (artsenijmengkunde)
in het Oude China

Kruidkunde is het gebruik van planten als geneesmiddel.
 
Deze traditie is al zo oud als de mensheid zelf en was tot de 18e eeuw de gebruikelijkste wijze van medische behandeling.
Tegenwoordig worden geneeskrachtige kruiden nog steeds veel gebruikt door stammenculturen en in landen met oosterse tradities, zoals China en India.
In de meer conventionele geneeskunde worden planten nu gebruikt als basis voor vele geneesmiddelen.
 
 
De vroege Kruidkunde
 
De eerste documenten over kruiden werden geschreven door de Sumeriërs en zijn meer dan 5000 jaar oud.
De oude Egyptenaren beschreven kruiden, zoals knoflook, koriander, munt, castorolie en opium.
In het Oude Testament wordt ook verwezen naar het gebruik van geneeskrachtige kruiden.
 
 
Oude Chinese kruidenboeken

De oudste manuscripten over de Chinese kruidengeneeskunde werden in Ma Wang Dui, in de provincie Hunan, gevonden en dateren van de 3e eeuw v.Chr.
Hierin wordt het gebruik van meer dan 250 geneeskrachtige kruiden beschreven.

De Yellow Emperor's Inner Classic, die meer dan 2000 jaar geleden werd samengesteld,
behandelt gezondheid, ziekte en het verband tussen het menselijk lichaam en de kosmos.
Dit werk bevat ook ideeën over kruiden, acupunctuur, diëten en oefeningen die nu nog actueel zijn.
De traditionele Chinese kruidenliteratuur is sindsdien alleen nog maar uitgebreid door de integratie van kruiden uit de Chinese volksgeneeskunde en andere delen van Zuidoost-Azië, India en het Midden-Oosten.

 

Griekse en Romeinse concepten


Hippocrates

 

De medische gebruiken van de oude Grieken en Romeinen vormen de basis van de conventionele, westerse geneeskunde.
Hippocrates, de Griekse arts en 'vader van de geneeskunde', beval het gebruik van plantaardige geneesmiddelen aan, in combinatie met frisse lucht, rust en gezonde voeding om de 'levenskracht' van het lichaam te versterken.
Galenus, een invloedrijke Romeinse arts, geloofde in het vergroten van de doses van geneesmiddelen, gebaseerd op plantaardige, dierlijke en minerale stoffen, om ziekten te genezen.

De eerste Europese verhandeling over de eigenschappen en het gebruik van geneeskrachtige kruiden is De Materia Medica.
Deze werd in de 1e eeuw n.Chr. geschreven door de
Griekse arts Dioscorides en tot ver in de 17e eeuw gebruikt.

 

Theophrastus (ong. 300 v.Chr.),
één van de vroege Griekse filosofen en natuurwetenschappers
wordt beschouwd als de grootste botanicus van de Oudheid
en wordt de "vader van de plantkunde" genoemd.

In zijn handen (zie afbeelding)houdt hij een tak belladonna (wolfskers) vast.
Achter hem vind je granaatappel-bloesem, een seneplant
en met de hand geschreven perkamentrollen.


Hij was een leerling van Aristoteles, die na diens dood leider werd van de Peripatetische School. Hij was evenals zijn leermeester een universeel geleerde die zich met vele takken van wetenschap bezighield.
Zijn observaties en geschriften betreffende de medische kwaliteiten en typische kenmerken van kruiden zijn bijzonder nauwkeurig, zelfs in het licht van de huidige kennis.

Hij gaf lezingen aan groepen studenten die dezelfde interesses hadden , en leerde hen de kostbaarheden van de natuur te observeren uit de eerste hand.
Ivoorplaten bedekt met gekleurde bijenwas dienden als "leien" voor de studenten.
Het schrijven gebeurde op het oppervlak met een naald.

Waardevolle werken die in de 15e eeuw uit het Grieks in het Latijn zijn vertaald door
Theodorus Gaza zijn: 'de causus plantarum' en 'de historia plantarum'.

 

De Middeleeuwen

Het maken van medicijnen op basis van planten was in de Middeleeuwen heel gewoon.
De Kerk ontmoedigde dit, omdat ze meer zag in genezing door het geloof.
Door het werk van monniken bleven vele Griekse medische manuscripten echter behouden en de kloosters met hun kruidentuinen werden centra voor kruidentherapieën.

In de volksgeneeskunde ging men ook door met het toepassen van de kruidentradities.
De kennis hierover werd doorgegeven door vroedvrouwen en 'wijze vrouwen'.
Angst en bijgeloof zorgden er echter voor dat vele vrouwen, genezers en heksen werden vervolgd en gedood.
Hierdoor ging een groot deel van de kruidentraditie verloren, omdat de kennis werd doorgegeven in de vorm van leerlingschap en mondelinge overdracht.

Westerse Kruidkunde

Ondanks de tendens van de 19e eeuw om geavanceerde geneesmiddelen te gebruiken, is 80% van de wereldbevolking afhankelijk van geneesmiddelen die voortkomen uit traditionele plantentherapieën.
De erkenning van het belang van oude kruidentradities neemt toe, omdat de mens probeert om zichzelf én de wereld beter te begrijpen.

 
 
Kruiden zorgen voor Evenwicht
 

Planten nemen stoffen op uit de aarde en zetten ze om in vitaminen, mineralen,
koolhydraten, proteïnen en vetten die wij gebruiken als voedingsstoffen en om te herstellen.
Door hele planten of kruiden te gebruiken, krijgen we alle essentiële ingedriënten ervan binnen.

De meeste kruiden bevatten meerdere actieve stoffen, waarvan er meestal één dominant is en de keuze ervan als geneesmiddel bepaalt.
De andere genezende aspecten van het kruid helpen het lichaam om de kracht ervan in zich op te nemen en om bijwerkingen tegen te gaan.

COMBINATIES VAN KRUIDEN
 
Kruiden werken synergetisch;
kruidenmengsels versterken dus de eigenschappen van elk afzonderlijk kruid.

Een goed middel tegen slapeloosheid is bijvoorbeeld de combinatie van passiebloem, valeriaan en hop, waarbij passiebloem vooral zorgt voor het in slaap komen,
valeriaan voor het ontspannen van de spieren en hop voor het ontspannen van het zenuwstelsel.
 
 
 
Chinese Kruidkunde
 
Chinese kruiden worden eigenlijk altijd in combinaties gebruikt.
Het gebruik van vele kruiden brengt evenwicht in het recept en zorgt ervoor
dat het geneesmiddel het deel van het lichaam bereikt dat moet worden hersteld.
Kruiden worden gekenmerkt door temperatuur- en smaakeigenschappen,
hun werking in het lichaam en het effect ervan op de yin, yang, chi of het bloed.
 
 
YIN en YANG
 
Het yin-en-yang-concept maakt deel uit van de Chinese filosofie.
Het gaat ervan uit dat alle systemen in het universum bestaan maar van elkaar afhankelijke energieën, waaruit alle levende wezens zijn ontstaan.
De aard van yang is heet, helder en actief en belichaamt de meer mannelijke energie.

De yin bestaat uit  koele, vochtige, innerlijke en voedende eigenschappen, die de meer vrouwelijke principes vormen.
Astragalus is een yangkruid, dat wordt gebruikt om de chi of energie te verwarmen en te versterken.
Chinese boksdoorn is een yin-kruid, dat diep in het lichaam doorwerkt, uitgeputte functies herstelt en verdere aftakeling voorkomt.

 
 
Chi en bloed
 
In de Chinese geneeskunst is de Chi een energie die zich op het lichamelijke, emotionele en geestelijke vlak manifesteert en voortdurend wijzigt.
Het is de levenskracht. Bloed wordt gezien als de materiële vorm van de Chi.
De Chi genereert, beweegt en bevat bloed, maar bloed voedt de Chi.
Een Chinees gezegde luidt: "Bloed is de moeder van de Chi."

Ginseng (ren shen) versterkt de Chi van het lichaam, waaronder die van de longen, de spijsvertering en het hart.
Chinese engelwortel (dang gui) versterkt het bloed en doet het stromen.

 

                 
Ginseng                                            Dang Gui

 

 

De combinatie van Westerse en Chinese Kruidkunde
 
Westerse en Chinese kruidengeneesmiddelen kunnen veilig naast elkaar worden gebruikt, zolang u waarschuwingen en contra-indicaties in acht neemt en veilige doseringen hanteert.
Veel Chinese geneesmiddelen zijn patentgeneesmiddelen, die gedurende een lange periode kunnen worden gebruikt.
Daarnaast kunt u kruidenthee drinken om kwalen te verhelpen.
Een kruidentinctuur is een andere manier om Chinese en westerse kruiden te combineren.
 
Bron: o.a. De helende kracht van Kruiden, Kruidengids - Jade Britton & Tamara Kircher

 


 

  Bezoekers pagina sinds 01/09/2007 : 4161

 

      

 

 

 



Main Menu
•Spiritualiteit
•Filosofie
•Mythologie &
         Oude Beschavingen
•Sprookjeswereld
•Kruidenhoekje
•Taalvariatie
•Gastenboek
•Links
•Wie ben ik
•Copyright & Disclaimer