|
Verklaring: Eigenlijk
gezegd van glimmende turf of geglommen kolen, die uitdoven,
wanneer ze in den doofpot gestopt worden; bij overdracht:
opzettelijk over ene zaak niet meer spreken, er geen verdere
ruchtbaarheid aan geven, haar smoren (vergelijk smoorpot,
doofpot).
In het Vlaams zegt men volgens Schuermans, 21: in de assche
schietenvoor: ten ondere blijven, niet voltrokken worden,
dat hier wellicht mede te vergelijken is.
Ik vond de uitdrukking het eerst
opgetekend bij
Harrebomée I, 147 b; vergelijk ook
het Fries: in ding yn, 'e
dófpot stoppe, smoare; en
het Zuidnederlands iets in
den doodboek laten (vergelijk ons vergeetboek,
17de eeuw 1);
Tuinman II, 239; V. Effen, Spect.
I, 232), over iets niet meer spreken;
in den doodboek blijven, geraken,
Antw. Idiot. 366; vergeten worden,
in den vergeethoek geraken
Waasch Idiot. 711; in 't
verloren viendeel (vierendeel) geraken of liggen
De Bo, 1460 b en 210 b; iets
in het dak steken
vergelijk het Franse étouffer
une affaire
|